StartpaginaVan onze pastor

Op weg naar Pasen in coronatijd
We gaan op weg naar de veertigdagentijd, de zo genoemde vastentijd voor Pasen. En die begint zoals gebruikelijk en traditioneel met Aswoensdag. Normaliter wordt Aswoensdag voorafgegaan door de carnavalsdagen. Maar dit jaar gaat alles anders en sterker nog, vele gaan zelfs niet. Ik kan me het vorig jaar nog best goed herinneren, de carnavalsdagen waren voorbij, en Aswoensdag was gevierd. Het was toen een week later. Er leek niets aan de hand, tot begin maart. Toen werden vele activiteiten afgelast, H. Missen werden niet meer toegankelijk en de Paasvieringen werden zelfs zonder parochianen gevierd. Dat was een hele aparte ervaring voor ons allemaal. Tot en met Pinksteren bleven de kerken leeg. De communievieringen werden opgeschort tot verdriet en teleurstelling van de communicanten, hun ouders en mijzelf. Wat te doen? Hoe nu verder?
Nou we hebben het geweten. De communieviering werd een jaar opgeschoven, evenals een enkele vormselviering. Dit alles met de gedachte dat het na één jaar wel weer gewoon zou zijn en de feestelijke vieringen door zouden kunnen gaan. Dus, kom op, effe doorbijten. Maar wat een teleurstellingen hebben we met z’n allen toch moeten incasseren het afgelopen jaar. Ja, zelfs de Kerst werd een klein onderonsje. Nu zijn we een jaar verder en nog zijn er veel te veel onzekerheden. Afgelopen weekend zou de Carnavalsmis zijn met een bonte bezetting in de kerk. Maar helaas, ook dit feestje zat er niet in. Toch zie je links en rechts de sneeuwklokjes opkomen, als teken dat de lente nabij is. De eerste groepen hebben het vaccin ontvangen. De weg naar het Mecc voor het ontvangen van de eerste prik, is voor menigeen best moeilijk en zwaar, maar dit is de weg naar de nieuwe vrijheid, naar opnieuw eindelijk samen zijn, zonder angstig te zijn. Dit is de weg naar een Pasen dat ons dichter bij elkaar brengt. Want na de verlatenheid van Jezus in het graf, volgt de verrijzenis met Pasen. Laat ons dat beeld voor ogen houden, op weg naar Pasen in coronatijd, te beginnen met Aswoensdag op 17 februari.
Pastoor Jan Geilen

Zwijgen, soms beter dan goud
Als we worden geconfronteerd met groot leed en verdriet bij anderen, is onze eerste reflex om woorden van troost en bemoediging te spreken. Toch kunnen we daarmee de plank misslaan. Het beste en misschien wel het enige wat je kunt doen is zwijgzaam nabij en aanwezig zijn. De ander zit zo diep in de put dat meer er niet in zit. Je kunt van haar of hem niet verlangen om het lichtpunt aan de horizon te zien, dat jij wel ziet en waarvan je zo graag zou willen vertellen. Dit roept een spanning op: enerzijds ben je geraakt door medeleven, anderzijds wil je woorden spreken van hoop.
Mozes en de profeten, Jezus en de apostelen zoeken steeds hun weg in deze spanning. Misschien wijzen ze ook aan ons een richting. Velen geven ons hoop in deze tijd waarin ons wordt aangegeven dat na het vaccin alles weer wordt als voorheen. Wordt alles wel zoals voorheen en willen we alles wel zoals voorheen? Of zijn er toch dingen die we graag anders zouden zien? Mensen hebben tijd nodig om het duister achter zich te kunnen laten. Om nieuw perspectief te zien. Job klimt ook uiteindelijk uit de put en begint het licht te zien. Dat proces komt op gang als hij ervaart dat hij bij God zijn hart kan uitstorten en zijn verdriet mag uiten. Het beste nieuws is een vriend of vriendin die zwijgt en luistert, die je niet in de rede valt en je niet laat vallen, ook niet als er geen land met je te bezeilen is. Het beste nieuws is dat God zo’n vriend wil zijn.
Pastoor Jan Geilen

Verzoening opent gesloten deuren
Als we onenigheid hebben, of misschien zelfs een conflict, hebben we de neiging om de ander eens goed de waarheid te zeggen. Misschien willen we hem of haar zelfs eens flink schofferen. Maar we weten dat hierdoor de relatie blijvende schade kan oplopen. Is dat wat we willen? In de lezingen van 15/16 augustus 2020 wijst Jezus ons erop dat verzoening en vergeving de weg openen naar een nieuwe toekomst. Dat komt ons leven en ons samenleven met elkaar ten goede. Heeft iemand iets misdaan en ons schade berokkend? Dan vertoont ons rechtvaardigheidsgevoel de reflex om dit haar of hem betaald te zetten. Als iemand mij zwaar tekort heeft gedaan, ben ik geneigd om afstand te nemen, om de ander te negeren, koel en kil te bejegenen of om het contact te verbreken.
In de praktijk blijkt dit echter niet altijd te werken. Als ik anderen verwijten blijf maken, zal ik daar zelf ook onder gebukt gaan. Ik zal verdriet houden omdat een goede vriendschap of relatie stuk is gegaan. Ik zal voortdurend het gevoel van bitterheid meedragen en die ander krampachtig uit de weg gaan. Dit zal dan mijn leven gaan beheersen. Dit geldt ook voor de verhoudingen tussen landen en bevolkingsgroepen, die een conflict hebben gehad. Het samen leven wordt bemoeilijkt, ja verlamt als er steeds weer rekeningen uit het verleden op tafel worden gelegd. Alleen om deze redenen al is het wenselijk dat we niet afrekenen, maar kwijtschelden, vergeven, dat we niet streven naar een kloppende boekhouding, maar boeken uit het verleden voorgoed sluiten. Dan kunnen we elkaar in de ogen kijken, ontspannen samenleven en de toekomst ingaan. Strijk wat vaker over je hart… En als het je moeilijk valt, bedenk dan dat jezelf ook niet altijd vrijuit gaat en dat er dan altijd Iemand is, wiens hart een oneindige rek heeft.
Pastoor Jan Geilen

Onverwachte ontmoetingen
Er zijn van die ontmoetingen die een diepe indruk achterlaten. Vaak weten we niet eens waardoor dit komt. Was het wat iemand zei, of wat hij of zij deed? Hoe dan ook, het blijft ons bij. Soms gaat het een stap verder en zet zo’n ontmoeting ons aan tot verandering, tot het inslaan van een nieuwe weg. In het evangelie horen we vaker over een ontmoeting met Jezus, die grote indruk op iemand maakt, een ontmoeting die bovendien grote gevolgen heeft. Zo’n ontmoeting, met de Heer, kan ook ons ieder moment overkomen.
Allereerst kabbelt het leven voort. Alles gaat zijn gangetje. Maar dan is daar die ander, die iets tegen ons zegt of die iets doet. Dat raakt ons en zet iets in ons in beweging. Misschien hadden we niet eens in de gaten dat we wat misten. Of misschien meenden we dat dit het meest haalbare was. Toch laat die ander ons niet los. Zijn woorden blijven ons bezighouden.
De daad roept vragen in ons op, vragen die wellicht ten diepste met onze oorsprong en bestemming te maken hebben. Wie ben ik eigenlijk? Waar kom ik vandaan? Wat is mijn doel in het leven? Wat wil die ander toch van mij, waartoe ben of word ik geroepen? Stuk voor stuk geen gemakkelijke vragen. Ze kunnen ons behoorlijk plagen. We kunnen er zelfs van wakker liggen. En als er iets is wat juist niet helpt bij deze vragen, dan is dat ervan wakker liggen. Wakker liggen kunnen we van heel veel dingen. In deze snelle en roerige tijd zijn er heel wat mensen en vooral jongeren die slecht slapen en niet tot rust kunnen komen. Ja zelfs de realiteit van de dag willen ontvluchten om de levensvragen niet onder ogen te hoeven zien. Rust is juist belangrijk voor onze gehele gesteldheid. In de slaap verwerken we de indrukken van de dag en staan we weer open voor de volgende dag. Voor nieuwe ontmoetingen en wellicht nieuwe wegen.
Pastoor Jan Geilen

Niet alleen woorden, ook daden
Soms wordt er in je leven een uiterste inspanning van je gevraagd om een bepaald doel te bereiken. Je kunt het gevoel hebben dat je alle zeilen moet bijzetten om het gewenste resultaat te behalen. Vaak heb je dan achteraf de ervaring dat het je ook veel voldoening geeft als de prestatie eenmaal geleverd is, en dat is weer een aardige opsteker voor het belangrijke gevoel van zelfvertrouwen. Ook als het over geloven gaat, kan er een behoorlijke inspanning van een mens gevraagd worden! Jezus zelf spoort ons aan om echt alles te doen wat we kunnen. ‘Doe alle moeite’, zegt Jezus, ‘om door de smalle deur naar binnen te gaan.’ Doe moeite om je doel te bereiken, want het gaat niet vanzelf. Hij wijst erop dat allen die Hem volgen niet de denkfout moeten maken dat zij wel goed zitten, dat hun niets meer kan overkomen. Wie zich niets gelegen laat liggen aan recht en gerechtigheid, wie willens en wetens voorbij leeft aan de nood van een ander, ook al is zo iemand een volgeling van Jezus, ook al staat zo iemand te boek als een deugdzaam christen, zo iemand kan nog niet gemakkelijk achterover leunen of er gerust op zijn. Dit zou een conclusie kunnen zijn als we Jezus’ woorden op waarde weten te schatten: in het koninkrijk van God word je aangesproken en beoordeeld niet zozeer op je goede bedoelingen of je plechtige voornemens, maar op je handelen. Of zoals Jacobus het schrijft in zijn brief: “Een geloof zonder daden is nutteloos”. Zo moeten dan beide hand in hand gaan, zodat men ook uit onze daden kan zien dat en wat we geloven.
Pastoor Jan Geilen

Elkaar liefhebben
Een toenemend aantal ouderen is bezig met het maken van een levenstestament. Hierin gaat het om de vraag: wat moet er met mij gebeuren als ik door een ongeval of door ziekte niet meer in staat ben om mijn eigen zaken te regelen? Dan gaat het om het regelen van persoonlijke verzorging, huisvesting, medische beslissingen, de dagelijkse financiën. In het levenstestament komt ook te staan wie de vertrouwenspersoon of de gevolmachtigde is die namens haar of hem kan optreden als zij of hij daar zelf niet meer toe in staat is. Op de avond van het Laatste Avondmaal, de avond dat Jezus beseft dat het einde van zijn leven nadert, schrijft Jezus als het ware zijn levenstestament. Hij laat zijn leerlingen geen huis na, geen bezittingen, maar Hij wijst zijn leerlingen aan als zijn vertrouwenspersonen, als zijn gevolmachtigden. Hun vertrouwt Hij zijn levensopdracht toe: ‘Heb elkaar lief. Zoals Ik jullie heb liefgehad.’ Tot vier keer toe valt het woord ‘liefhebben’ of ‘liefde’. En tot drie keer toe het woord ’elkaar’. De liefde is dus het centrum van het leven van Jezus, en zijn laatste wil is dat wij als zijn leerlingen deze liefde maken tot het centrum van ons eigen leven. Maar wat bedoelt Hij met dat woord ‘liefde’? De evangelist Johannes gebruikt voor de liefde het Griekse woord agapè. Agapè is de liefde die op de eerste plaats geeft en niet neemt. Het is de liefde waar geen tegenprestatie tegenover hoeft te staan. Het is de liefde van ouders voor hun kinderen op het moment dat ze als kwetsbare wezentjes ter wereld komen. Het is de liefde waarmee grootouders de zorg voor een kleinkind op zich nemen, omdat hun dochter ernstig ziek is. Het is de liefde van kinderen voor hun ouders op het moment dat die ouder en kwetsbaar worden. Het is de liefde waarmee partners voor elkaar blijven zorgen op het moment dat een van beiden hulpbehoevend wordt. Het is zo mooi om te zien hoeveel liefde mensen voor elkaar kunnen opbrengen. Maar ik zie ook hoeveel het soms kost. Ik zie ook dat het soms te veel van mensen vraagt, zeker als er weinig wederkerigheid is. Daarom is het goed om niet te vergeten dat Jezus spreekt over het liefhebben van elkáár; dat evenwicht is blijkbaar nodig om het vol te houden.
Pastoor Jan Geilen

Heilige plaats
Midden in de woestijn krijgt Mozes van God de opdracht om zijn sandalen uit te trekken. Mozes heeft de ervaring op heilige grond te staan en uit eerbied trekt hij zijn schoenen uit en nadert hij de brandende braamstruik op blote voeten.

Er zijn van die plaatsen waar je het gevoel hebt op heilige grond te staan. Jaren geleden was ik met parochianen uit de regio op bedevaart naar Lourdes. Midden in de nacht bezochten we met enkele mensen de grot van de verschijning. Het was er stil, er werd in stilte gebeden; een bijzondere, een heilige plaats. Maar ik moet ook denken aan een kamer in het ziekenhuis, een tijdje geleden. Kinderen en kleinkinderen zijn om het bed van hun moeder en oma verzameld. Er is voor haar gebeden en zij heeft de ziekenzalving ontvangen. En dan is er het moment om afscheid te nemen. Onder tranen worden er nog zachtjes woorden uitgewisseld. Het is een bijzonder moment, dat om eerbied vraagt en terughoudendheid. Die ziekenhuiskamer was op dat moment even een heilige ruimte. Dat zijn momenten, dat zijn plekken waarop je iets van Gods aanwezigheid kunt ervaren, ook al kun je God niet zien, niet vastgrijpen. Je merkt gewoon dat het een heel speciaal moment is, een heilig moment kun je wel zeggen. Het verhaal van Mozes zegt ook nog iets anders. God heeft mensen nodig die met Hem mee willen doen, mensen die ook willen zien en willen horen en willen weten en die zich willen laten raken en in beweging willen komen. Mozes wordt letterlijk bij zijn naam geroepen en uitgedaagd om mee te doen. Het verhaal van Mozes wil ons duidelijk maken dat God ziet, dat God hoort en dat God wordt geraakt door wat mensen overkomt. Misschien vraagt u zich wel eens af: waar en wanneer merk ik er iets van? Misschien op die zeldzame bijzondere, heilige momenten en plaatsen die ik hierboven noemde?
Pastoor Jan Geilen

Echte vreugde
Stel dat ik aan u zou vragen: "Wat zou voor u een ware vreugde zijn?" Dan zou dat denk ik een bonte verzameling aan antwoorden opleveren. De ware vreugde: iets dat je helemaal blij zou maken. Wat u zou zeggen, zou veelal verband houden met de situatie waarin u verkeert. Je verlangt naar wat je mist en zo moeilijk kunt missen. Een zieke zou zeggen: "Ik verlang naar genezing". Iemand in de schuldsanering verlangt naar een schone lei, een nieuw begin, een eenzame naar een echte vriend of vriendin. Zo heeft ieder zijn eigen invulling van wat vreugde is. En niet alleen per persoon, maar ook per gelegenheid. Vreugde is niet altijd van blijvende aard, het gaat ook weer voorbij. God weet waar ons hart vol van is en waar we diep naar verlangen”.

In het Lucasevangelie zegt Jezus tegen een rijke jongeling: “Verkoop al je bezittingen en geef aalmoezen. Waar jullie schat is, daar zal ook jullie hart zijn." Als je jezelf helemaal geeft, dan brengt dat ware vreugde en werkt bevrijdend. Welnu: Francesco Bernardone uit het 13e eeuwse Assisi in midden Italië is iemand geweest die dit Schriftwoord radicaal in praktijk heeft gebracht. De rijke koopmanszoon ging als een arme bedelaar leven, verkondigde op sandalen en in een haveloze mantel het evangelie en kreeg juist daardoor broeders en zusters door heel Europa. Behalve eenvoud en toewijding is er nog een andere karaktertrek van Franciscus, namelijk vreugde. De uitdrukking "een vrolijke Frans" hebben we eraan te danken. Voor Franciscus lag de ware vreugde in de kleine dingen. Ware vreugde gaat uit boven "blij zijn dat je iets (weer) hebt". Als ik dan zo onze paus Franciscus bezie en beluister, dan zie en hoor ik ook wel die Franciscaner vreugde in zijn doen en laten naar voren komen. We kunnen vaak zoveel vreugde beleven aan het dienstbaar zijn voor anderen in alle eenvoud en zonder opsmuk. En als we dat blijven doen, dan leidt dat naar de ware vreugde.
Pastoor Jan Geilen


Het leven zit vol hindernissen
In oktober ben ik enkele dagen naar Rome geweest met mijn jongste broer en mijn oudste zus. Mijn zus is soms aangewezen op een rolstoel. En als je érgens moeilijk met een rolstoel door de stad kunt gaan, dan is dat zeer zeker Rome. Je moet telkens alert zijn om niet in riooldeksels klem te komen zitten of in de openingen tussen de straatkeien. Soms helt het wegdek naar links over en dan weer naar rechts. Vele winkels en cafetaria zijn niet voor rolstoelen toegankelijk, er ligt een hoge drempel voor de deur. Tot overmaat van ramp liep bij St. Jan van Lateranen het rubber van een wieltje af. Wat nu? Het is gelukkig met hulp van een paar vreemde sterke handen gelukt om het rubber weer op het wieltje te krijgen.

Ja, zo’n reis met hindernissen zet je aan het denken. Hoe moeilijk moet het voor mensen zijn die steeds aangewezen zijn op anderen om in het leven vooruit te komen. Of hoe moeizaam kan het soms zijn om een ander bij hindernissen te helpen. Ik heb in Rome dan ook maar heel weinig, zeggen en schrijven twee of drie, rolstoelers door de stad zien gaan.

In gedachte maakte ik een vergelijk met het geloof. Ons geloof is ook niet altijd een strak geplaveide weg. Het is een weg die soms kuilen heeft waar we doorheen moeten om er weer bovenop te komen. We lopen wel eens vast en komen dan niet verder. We hebben dan de hulp van een ander nodig. Soms worden we door de dingen die in ons leven gebeuren door elkaar geschud, zoals degene die in de rolstoel zit. Mensen die je op je weg helpen, maar ook mensen die juist in de weg staan. Zo’n geloofsweg is niet gemakkelijk. Maar door te vertrouwen op Jezus blijf je op de goede weg.

Pastoor Jan Geilen

De vakantie voorbij

Druk, drukker drukst. Je hoort iedereen er tegenwoordig over. Iedereen heeft een volle agenda. Iedereen is druk, druk, druk. Een avondje met vrienden plannen is dan meestal ook een ramp.
Er is geen tijd om bij te komen en te genieten. Vragen zoals: „Waarom gaan de dagen zo snel? Waarom heeft een dag niet meer uren? Is er nu al weer een jaar voorbij?“, hoor je geregeld. Maar is het wel zo gezond zo’n druk leven? Wij komen in ons werkzame leven en schoolleven voornamelijk tijd tekort. Elke minuut telt, want we moeten… en vul dan maar in.

En altijd, als er een bepaalde taak afgesloten wordt, ligt er nog een waslijst aan nieuwe wensen en verplichtingen.
Maar als we vakantie hebben, is dat een korte tijd anders. Dan zijn we even los van school en werk. Niets moet meer… hoewel, de smartphones en tablets blijven binnen handbereik. Alle berichten worden gevolgd, alle email-berichten gecheckt.
Dan kun je alvast lekker inlopen op achterstallige correspondentie en taken, of alle belevenissen van je vriendjes en vriendinnetjes van school meebeleven en met hen delen. Maar zo blijft er van ontspanning en rust niet veel meer over.

Vandaag de dag betekent ontspanning het beleven van nieuwe prikkels. Een spannend computerspel, adembenemende attracties in een pretpark, kortom nieuwe uitdagingen! Het moet spannend zijn, of boeiend en het mag geen seconde vervelen. Soms blijven we door al deze activiteiten juist ‘op spanning’ staan.

Weet je hoe Jezus het deed om de rust te vinden? Nee, Jezus nam geen vakantie, Hij ging regelmatig een berg op, soms midden in de nacht, om met zijn Vader te praten. Dat maakte Hem rustig en ontspannen. Dan kreeg Hij nieuwe kracht, er kwam dan een soort kalmte en rust over Hem. Want ook Hij was af en toe echt aan rust toe.

Kapelaan Geilen